Jonge vrouw wrijft in haar oog omdat zij droge ogen heeft

Positieve kijk op droge ogen

Broodnodig in 2026 het branderige, schurende gevoel. Vermoeide ogen na een dag achter de computer. Of het idee dat er voortdurend iets in het oog zit. Wie hoort deze klachten niet dagelijks in de praktijk?

Objectief kunnen we inmiddels veel meten. Verschillende instrumenten brengen de traanfilmdikte, -hoogte en de NIBUT in kaart. Met één druk op de knop zijn de meibomklieren zichtbaar. Sommige apparaten geven zelfs aan om welk type droog oog het zou gaan – evaporatief of door traandeficiëntie – en suggereren mogelijke behandelmethoden.

Maar maakt dat het denken overbodig? Kunnen we blind varen op metingen en voorgestelde behandelingen? En wat als behandelingen niet werken en klachten blijven bestaan, zelfs bij gebruik van kunsttranen of IPL?

Wanneer klachten niet zichtbaar zijn

Wanneer pijn aanhoudt terwijl de ogen er ‘gezond’ uitzien, speelt er vaak meer dan alleen een tekort aan traanvocht. De neurofysiologie achter pijn bij droge ogen is complex en verklaart waarom sommige patiënten aanzienlijk meer klachten ervaren dan anderen.

Esther Sharpe en Heike Baltes verdiepten zich voor hun minor in deze neurofysiologie en in de vraag wat optometristen hierover weten. Waarom ervaart de ene patiënt pijn als mild ongemak, terwijl een ander spreekt van ondraaglijke steekpijnen? Het antwoord ligt in de manier waarop het zenuwstelsel prikkels verwerkt en hoe de hersenen daar betekenis aan geven.

Mijn zenuw is boos op me

Al in de achttiende eeuw bedachten artsen chique namen voor pijn, zoals névralgie, Frans voor ‘mijn zenuw is boos op me’. Een verrassend toegankelijke manier om het gesprek met de cliënt te openen. Bij droge ogen reageren de zenuwen van het hoornvlies soms heftiger dan nodig is.

De pijnsignalen worden via de hersenstam verwerkt en kunnen ontstaan door mechanische irritatie, koude luchtstromen, maar zelfs door oogdruppels of conserveringsmiddelen. Bij herhaalde prikkeling kan perifere sensitisatie optreden: zenuwen in de cornea worden overgevoelig en reageren steeds sterker op normale prikkels.

Wanneer pijn blijft bestaan

Daarnaast bestaat centrale sensitisatie, waarbij het brein zelf pijnsignalen versterkt. In dat geval kan pijn blijven bestaan, zelfs wanneer de ogen objectief gezond lijken. Dit verklaart waarom sommige patiënten klachten houden zonder dat onderzoek duidelijke afwijkingen laat zien.

Extreem gevoelige cornea

De cornea is één van de meest gevoelige structuren van het lichaam. De innervatie wordt verzorgd door de nervus trigeminus, met name de nervus ophthalmicus (V1). Via de lange ciliaire zenuwen wordt de cornea voorzien van sensorische innervatie.

Deze zenuwvezels zorgen niet alleen voor de extreme gevoeligheid, maar activeren ook reflexen zoals knipperen en reflextranen. Bij droge ogen komt discordantie veel voor: een verschil tussen subjectieve klachten en objectieve metingen.

Klachten en metingen lopen niet altijd gelijk

Verschillende studies tonen aan dat er geen duidelijke correlatie bestaat tussen vragenlijsten zoals OSDI of DEQ-5 en objectieve testen als Tear Break-Up Time of de Schirmer-test. Iemand met ernstige klachten kan dus normale testresultaten hebben – en omgekeerd.

Meer dan alleen het oog

Wat bepaalt dan hoe ernstig iemand pijn ervaart? Naast zenuwgevoeligheid en sensitisatie spelen psychologische factoren een grote rol. Angst, stress en catastroferen (het verwachten van het ergste) kunnen pijn versterken.

Ook comorbiditeit is van invloed: patiënten met migraine, chronische pijnsyndromen of reumatische aandoeningen rapporteren vaker hevigere klachten. Pijn wordt door de hersenen niet alleen als lichamelijk signaal verwerkt, maar ook in de context van gedachten, verwachtingen en emoties.

De invloed van verwachtingen

Negatieve verwachtingen, zoals de angst dat klachten nooit overgaan, kunnen pijn versterken (het nocebo-effect). Omgekeerd kan geruststelling of optimisme klachten verminderen via de placeborespons.

Bredere benadering van droge ogen

De huidige behandeling van droge ogen richt zich vaak op symptoombestrijding. Maar wanneer pijn voortkomt uit sensitisatie of psychologische factoren, is een bredere benadering nodig.

Dat vraagt van optometristen dat zij niet alleen naar de ogen kijken, maar ook naar de patiënt als geheel: welke onderliggende aandoeningen spelen mee, hoe ziet de leefomgeving eruit en hoe gaat iemand om met stress?

Daarvoor is eerst inzicht nodig in hoeverre optometristen zich bewust zijn van deze pijnmechanismen. In opdracht hebben Heike Baltes en Esther Sharpe hier onderzoek naar gedaan. De uitkomsten daarvan worden gedeeld in een volgend artikel in Eyeline.

Met dank aan Mirjam van Tilborg, Esther Sharpe en Heike Baltes.